←  terug naar verhaaltjes
In de spotlights
Download download

In de spotlights

Een verhaal geschreven voor Noa
met haar woord actrice

Dark mode Light mode

Het was een koude winteravond en sneeuwvlokjes vielen als veertjes uit de lucht. Noa stond op een stoel in haar slaapkamer en maakte een diepe buiging. Een buiging naar een publiek van knuffelberen, die zaten vooraan en keken altijd naar Noa’s theatervoorstellingen. Noa ging op de rand van de stoel zitten en keek door het raam naar de vallende sneeuw. Ze droomde ervan om een actrice te worden, met een hoofdrol in een grote film of een musical. Of zelfs een bijrol zou gaaf zijn. Dan zou er publiek zijn, een hele zaal vol. En na de voorstelling zou ze honderden handtekeningen zetten voor al haar fans.

En terwijl Noa daarover nadacht, gingen de lichten van haar slaapkamer opeens langzaam uit en werd het donker. Noa riep nog: “Hee! Ik ben hier nog! Doe het licht aan!” En dat gebeurde, de lichten gingen langzaam weer aan en schenen fel op Noa. Maar Noa zat niet meer op een stoel in haar slaapkamer maar stond op een groot podium in een theater. En het publiek wat eerder nog bestond uit vijf knuffelberen, was nu een zaal vol met mensen. Het publiek was muisstil en keek met volle verwachting naar wat Noa ging doen. Noa, natuurlijk geschrokken, snapte niet wat er gebeurde en wist niet wat ze moest doen.

“Eeehh…” hakkelde Noa. “Ehh ik weet niet…” Het publiek bleef Noa aanstaren. Noa verzon daarom maar een liedje, om maar iets te beginnen en het klonk een beetje als:

♪ “ Oooooh waarom ben ik hier?” ♫ ♫ “Ik heb geen idee wat ik nu moet doen, wat moet ik nu doen?” ♪

Toen hoorde ze een zingende stem vanuit de achtergrond komen:

♪ “Volg ons!” ♪

Een jongen met krullen kwam het toneel op met achter zich een leger met schilden en zwaarden. Ze droegen korte broeken en hadden handschoenen aan en zelfs mutsen op. De jongen zelf zat op een wit houten paard met wieltjes en werd geduwd door een andere ridder. De jongen stapte van het paard af en knielde voor Noa en zei: “Ik, Theodor, ben een koene nobele ridder, en wij kunnen jouw hulp gebruiken. Wij zijn op weg om de slechte magiër van het Oosten te verslaan. Hij heeft heeft een betovering over het land uitgesproken, waardoor het lente, zomer, herfst en winter tegelijk is.” Op dat moment begon het te sneeuwen op het podium. Maar het begon ook warm te worden en zelfs boomblaadjes waaiden over het toneel. “Volg ons en help ons de magiër te verslaan, zodat we deze betovering kunnen verbreken” zei Theodor. En samen liepen ze over het toneel en het leger volgde. Tijdens deze tocht begon te waaien. Steeds harder en harder. Het werd mistig, het begon te onweren, te regenen en zelfs te hagelen. Sneeuwvlokken en blaadjes vlogen met grote snelheid over het decor. “We komen dichterbij”, schreeuwde Theodor.
En daar verderop, stond inderdaad een oude gerimpelde man met een grijze baard in een zwart gewaad op een grote steen.

Het kortebroekenleger viel onmiddellijk aan, maar de magiër zwaaide met zijn vinger en een zware windvlaag waaide het leger weg alsof ze blaadjes waren. Theodor en Noa deden een stapje terug. Theodor zocht iets in zijn buidel en haalde het tevoorschijn. Het was een grote lichtgevende parel. Hij probeerde de parel naar de magiër te gooien maar wederom wees de magiër met zijn vinger en Theodor waaide weg. “Noa”, scheeuwde Theodor. “Gooien!”. “Noa pakte de lichtgevende parel en gooide deze zo hard als ze kon naar de magiër. De parel raakte de magiër van het Oosten en hij verdween samen met de mist. De regen en sneeuw stopte met vallen en de wind ging liggen. De zon, of eigenlijk een spotlight, ging weer schijnen. De betovering was verbroken. Het publiek stond op en begon te klappen, te fluiten en te juichen. Noa maakte met iedereen op het podium een diepe buiging. Het publiek was zo enthousiast, ze bleven klappen en klappen. Ze gooiden rozen het podium op, zoals dat wel eens gebeurt als ze een voorstelling erg mooi vonden. Sommige mensen klommen zelfs het podium op en vroegen Noa om een handtekening. Noa maakte nog één keer een buiging en toen gingen de lichten in het theater langzaam uit. Ze werd wakker op haar stoel in de slaapkamer en keek om haar heen. Daar stonden de knuffelberen nog keurig op een rij. Ah dat meen je niet! Ze was gewoon in slaap gevallen en het was allemaal een droom. Toen Noa opstond uit de stoel viel er een roos van haar schoot.

Was… het dan misschien geen droom?

Einde

←  terug naar verhaaltjes
Top